Jezus, de Heilige Geest en onze broeder in de Cursus

Jezus

De Cursus stelt ons gelijk met Jezus. Hij was niet iets wat wij niet zijn; ieder van ons is, net als hij, de Zoon van God. Hij is ons alleen een beetje vóór in de tijd – of misschien buiten de tijd – maar van dezelfde makelij. Samen zijn we de Zoon van God, zoals Hij ons geschapen heeft.

Spirituele rijpheid op het pad van de Cursus houdt op een gegeven moment de erkenning in dat Jezus eigenlijk een symbool is van de inhoud van onze juist-gerichte denkgeest die we afgesplitst hebben. Vanwege deze dissociatie is onze enige toegang tot ons juist gerichte denken doorgaans het aangaan van een relatie met Jezus als een persoon zoals wij, een liefhebbende broer, toegewijd aan ons onderwijzen en helpen. Als we hem toestaan ons te tonen dat we het mis hadden over alles – vooral over wie we denken dat we zijn – beginnen we te beseffen dat alles in onze denkgeest plaatsvindt. Dat betekent dat we ons tot alles gaan verhouden als symbolen van de keuze die we in onze denkgeest maken. De keuze om ons te identificeren met afscheiding als werkelijkheid, of met eenheid als werkelijkheid. Ons ervaren van zowel Jezus als onszelf zal dan veranderen. We dienen geleidelijk voorbij te gaan aan de waarneming van gescheiden lichamen die zich met elkaar verbinden; anders zullen we blijven slapen en dromen, en als vreemdelingen leven in een wereld die ons thuis niet is.

Toch, hoewel Jezus wordt voorgesteld alsof hij tot ons, individuen, spreekt, maakt hij ons ook duidelijk dat we bezig zijn de ladder op te klimmen, die we door te kiezen voor afscheiding waren afgedaald. De top van de ladder is het overstijgen van individualiteit want in dat stadium hechten we geen waarde meer aan een bestaan afgescheiden van God en van elkaar. We beseffen dat zo’n bestaan de bron was van al onze pijn en conflicten. We realiseren ons dat er werkelijk geen zelf is dat is afgescheiden van andere zelven en van God. We zijn dan geïdentificeerd met liefde, we brengen liefde niet langer in verband met een of andere vorm. Dit is de terugkeer naar de eenheid van ons Zelf als Gods éne Zoon, Christus: “Vereenzelvig je met liefde en je bent veilig. Vereenzelvig je met liefde en je bent thuis. Vereenzelvig je met liefde en vind jouw Zelf” (WdII.5.5:6-8).

Broeders

De bron van het stoffelijke universum, inclusief alle lichamen die het bevat, is de gedachte van afscheiding die in de ene denkgeest van het Zoonschap serieus genomen wordt. Deze gedachte brengt de broederschap van alle afgescheidenen voort. Binnen de droom van afscheiding lijkt een groot aantal afzonderlijke lichamen te bestaan die een eigen leven leiden. Een cursus in wonderen verwijst naar ieder van hen als ‘jouw broeder’ omdat ze afgesplitste delen van de ene denkgeest zijn. Dat wordt bedoeld wanneer Jezus ons zegt: “Eén broeder is alle broeders. Elke denkgeest omvat alle denkgeesten, want elke denkgeest is één. Dat is de waarheid” (WdI.161.4:1-3). Op deze manier is iedereen jouw broeder.

Alles wat de Cursus over het toepassen van vergeving in relatie tot ‘jouw broeder’ onderwijst geldt voor iedereen. Zolang de gespleten denkgeest andere lichamen als gescheiden van zichzelf waarneemt, is er vergeving nodig. De beoefening van vergeving wordt vereenvoudigd door zijn universele toepasbaarheid. Iedere ontmoeting is een gelegenheid de keuze van de denkgeest voor afscheiding te zien, weerspiegeld in de gedachten en oordelen die we op anderen projecteren. 

Een broeder liefhebben die een ogenschijnlijke vreemde is, is onderkennen dat ieder waargenomen verschil irrelevant is in het zicht van de onderliggende eenheid die alle gefragmenteerde delen van het Zoonschap verenigt. Iedere broeder heeft een denkgeest die de leugen van afscheiding van het ego, de herinnering van de waarheid van de Heilige Geest, en de macht om tussen die twee te kiezen bevat. Een broeder als jezelf liefhebben, is onderkennen dat hem als afgescheiden waarnemen een projectie van de denkgeest is. Wanneer de denkgeest voor afscheiding kiest, projecteert het de schuld voor deze keuze op het lichaam – dat van jezelf evenals dat van anderen – en gelooft vervolgens ten onrechte dat externe factoren verantwoordelijk zijn voor wat er in die illusie ervaren wordt. In de beoefening van de Cursus is een broeder liefhebben dus: hem vergeven voor wat hij niet heeft gedaan (T17.III.1:5). Hij mag dan op een hatelijke en kwetsende manier aanvallen, maar hij kan de vrede die in de denkgeest heerst niet wegnemen. Daarvan wordt alleen afstand gedaan door de keuze van de denkgeest zich met het ego te identificeren in plaats van met de Heilige Geest.

In werkelijkheid zijn er geen ‘broeders’; maar is er slechts de ene Zoon met de Vader verenigd in een eenheid die niet uitgedrukt kan worden in taal van afscheiding. Jezus gebruikt in de Cursus dualistische taal omdat wij in de dualiteit van afscheiding geloven. Hij onderwijst vergeving opdat we dit geloof ongedaan kunnen maken door te leren dat wij denkgeest zijn, geen lichaam. Het proces van leren dat wij als denkgeest allemaal hetzelfde zijn zal tot het bewustzijn leiden dat we allen één zijn.

De Heilige Geest

Wanneer je, als besluitvormende denkgeest buiten tijd en ruimte, er voor eens en voor altijd voor kiest het ego te laten gaan en je volledig te vereenzelvigen met je juist gerichte denken, dan word je de manifestatie van de Heilige Geest, net als Jezus. Je weet dan dat dit je enige identiteit is en je ziet het ego-denksysteem van afscheiding en individualiteit als totaal zonder betekenis. Dus de Heilige Geest is deel van jou, het deel van je denkgeest dat de herinnering van God bevat en jouw ware Identiteit als Christus, en jij kunt (als besluitvormende denkgeest) verkiezen je op ieder moment daarmee te vereenzelvigen.

De Heilige Geest maakt ons geloof in de afscheiding ongedaan door ons naar de erkenning te leiden dat we met onze broeders gedeelde in plaats van gescheiden belangen hebben. De ene en enige behoefte die ieder van ons werkelijk heeft, is beseffen dat het kiezen voor de pijn en schuld van het ego ons ellendig maakt, terwijl kiezen voor Gods Liefde ons heel gelukkig zal maken.

Terug naar: Wat is Een cursus in wonderen?